Welcome to EverybodyWiki ! Nuvola apps kgpg.png Sign in or create an account to improve, watchlist or create an article like a company page or a bio (yours ?)...

René Leon Antoine Daem

Uit EverybodyWiki Bios & Wiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


René Leon Antoine Daem
René Daem1.jpeg
Priester van de Rooms-Katholieke Kerk
Wapen van een priester
Geboren 17 augustus 1912
Plaats Wetteren
Overleden 5 oktober 1994
Plaats Waerana Flores, Indonesië
Wijdingen
Priester 1936
Portaal:  Christendom

René Leon Antoine Daem (Wetteren, 17 augustus 1912 - Waerana (Flores), 5 oktober 1994) was een Belgisch priester uit Vlaanderen die veertig jaar lang missiewerk verrichtte op het Indonesische eiland Flores.

De keuze voor het pastoraat aan de andere kant van de wereld is te verklaren door een bittere controverse over zijn houding in de Tweede Wereldoorlog en een daaropvolgende sanctie hem opgelegd door de toenmalige bisschop van Gent. Daem vertrok in 1953 als priester naar Indonesië. Hij verrichtte daar missiearbeid met respect voor de plaatselijke cultuur en voelde zich sterk betrokken bij de noden van de plaatselijke bevolking.

Jeugdjaren[bewerken | brontekst bewerken]

Zijn vader, Hector Daem, was facteur en woonde met zijn gezin in de Benedenstraat te Wetteren, dicht bij "De Fonteine" en "De Kruis-Lieve-Here". Daem bracht zijn kinderjaren door in de parochie en ging naar de lagere school in het Sint-Franciscuscollege te Wetteren. Zijn moeder was Adèle Lips.

In 1924 begon Daem z'n Latijnse studies in het College te Wetteren en twee jaar later te Dendermonde en na het beëindigen van de Retorica in 1930 maakte hij bekend dat hij priester wou worden.

Ontwikkeling tot pastoor[bewerken | brontekst bewerken]

Na twee jaar seminarie te Gent volgde hij vier jaar Groot Seminarie. Tijdens zijn vrije uurtjes deed hij bureelwerk bij Arsène Goedertier en was op de hoogte over het "Mysterie" van de roof van enkele panelen van het veelluik Lam Gods te Gent. Daem was actief in diverse Vlaams-Nationale activiteiten. Daem werd tot priester gewijd te Gent in 1936. Het jaar van zijn priesterwijding was voor Daem zeer ingrijpend gezien in dat jaar het stoffelijk overschot van Pater Damiaan met het Belgisch schoolschip Mercator overgebracht werd van Molokai naar Antwerpen. Dit heeft Daem sterk geïnspireerd tot zijn latere beslissing inzake missionariswerk. Toch zouden er nog andere redenen plaatsgrijpen die hem zijn beslissing deden intensiveren. Van 1936 tot 1941 was hij leraar Latijn-Grieks te Geraardsbergen aan het Sint-Catharinacollege en vanaf het jaar 1937 was hij hulp-onderpastoor te Sint-Martens-Lierde.

De Tweede Wereldoorlog[bewerken | brontekst bewerken]

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Daem aangesteld als brancardier. De dag voor de Belgische capitulatie werd hij met vele andere Belgische militairen door de Duitse bezetter gevangen genomen en op transport gezet naar Duitsland. De inscheping gebeurde in het Nederlandse Walsoorden, in drie schepen. Daem bevond zich op het binnenschip "Rhenus 127" dat op 30 mei 1940 ter hoogte van Willemstad, Moerdijk in Holland op een magnetische zeemijn voer waardoor het overvolle schip in twee brak. Tweehonderd Belgische soldaten verdronken. Daem stond in als priester en als brancardier voor de berging van 159 teruggevonden stoffelijke resten van de verdronken soldaten en hielp mee aan de verpleging van 100 gewonde soldaten. Deze gruwelijke gebeurtenis waarin René Daem als priester-brankardier zo intens betrokken was, werd beschreven in het boek "De ramp met de Rhenus 127" door Constant van Nispen, oud gemeentesecretaris te Willemstad. Een verslag van de ramp verscheen ook in het dagblad "De Tijd" op datum van 22 juli 1940. Samen met zijn ouders stond hij in voor de opvang van de bedroefde ouders en verstrekte hen de nodige informatie. In juni 1941 werd hij benoemd tot onderpastoor te Ledeberg op de Sint-Lievinusparochie, waar hij zou blijven tot maart 1951. Op 10 april 1944 werd het vormingsstation van Merelbeke, de omgeving en Ledeberg zwaar getroffen door vele Amerikaanse bommenwerpers. Opnieuw was Daem als priester en hulpverlener in de weer om stervenden bij te staan, er voor zorgend dat de berging van lijken respectvol verliep. Niet alleen bijstand onder vorm van de Laatste Sacramenten maar ook troost aan de zwaarbeproefde families.

Na-oorlogse periode[bewerken | brontekst bewerken]

In zijn studententijd had Daem zich aangesloten bij het Algemeen Katholiek Vlaams Studentenverbond en bleef tot zijn dood trouw aan die ideologie. Daem geloofde in het streven naar Vlaamse ontvoogding en zelfbestuur. Het gebeurde vaak dat jonge seminaristen zich als lid van het AKVS durfden verzetten tegen het bisschoppelijk gezag, zoals beschreven bij de toelichting AKVS Wikipedia. Kort na de bevrijding colporteerde een man op het marktplein van Ledeberg met een krantje "De Werker" met als hoofdtitel; "De gehele waarheid rond Paster Daem".[1] Daem kende de man en kocht een exemplaar. Daem is bij de bevrijding door leden van de Weerstand hardhandig uit zijn parochiekerk gehaald, maar er bleek dat hem geen daden van collaboratie met de bezetter konden worden aangewreven. Door het Gentse Bisdom werd hem aangeraden het land te verlaten. Daem gleed af naar een toestand die dubbelzinnig "les Petites Vicaires" werd genoemd, een scheldnaam die hij overigens als een eer beschouwde. Reeds ten tijde van de ramp met de Rhenus had Daem plannen en contacten gelegd met de hoofdalmoezenier van het Nederlands leger om zich als missionaris te verbinden met het Nederlands Missiewerk "Societas Verbi Divini". In 1953, toen Daem onderpastoor was te Gent op de Sint-Paulusparochie, had hij contacten met de Indonesische bisschop van Bekkum die hem vroeg om naar Ruting in Flores Indonesië te komen voor missiewerk. Professor Natuurrecht aan de Universiteit van Jakarta en adviseur van Soekarno gaf René Daem het "Visum Permanent" Later werd Daem ontvangen bij Soekarno. Gezien hij als priester onder het bestuur van de Gentse bisschop Calewaert resulteerde kreeg René Daem de toelating om die missieopdracht aan te nemen.[2][bron?]

Flores Indonesië[bewerken | brontekst bewerken]

Daem verliet allen die hij lief had in Vlaanderen en koos voor één der meest primitieve bevolkingsgroepen in Waerana Flores (Indonesië), waar aanvankelijk alleen de gezondheidszorg prioritair was. Zijn bezorgde ouders volgden hem in gedachten ook wanneer hij schreef: "De inheemse bevolking loopt hier met niets om het lijf! Hun natuurlijke behoeften doen ze waar ze staan! Maar ik voel mij in het paradijs" Omtrent het jaar 1964 beschreef hij zijn strijd tegen de wrede huidziekte; "Kulit Dua" Toen ondernam hij een bedeltocht tot in Gent. In het Universitair Ziekenhuis aldaar kreeg hij de nodige medicatie. De geestelijke bijstand kwam later, gevolgd door de landbouwontwikkeling. 1955: Een aantal mensen verzamelt zich rond René Daem die op Flores Indonesië werkt rond gezondheidszorg en armoedebestrijding. De organisatie Flores-vrienden werd opgericht. 1973: Flores-vrienden wordt een niet-gouvernementele ontwikkelingsorganisatie met activiteiten in Indonesië, Senegal, Bolivia en op de Filippijnen. Van "Petit Vicaire" in Vlaanderen groeide Daem uit tot een pionier met veertig jaren diensttijd als veelzijdig parochiepriester in een ver land waarvan hij tijdens zijn levensavond liet optekenen: "Het heeft geen zin meer terug te keren naar Vlaanderen. Ik hou van deze mensen hier in Flores en wil tussen hen begraven worden!" Aan die ultieme wens werd voldaan op 7 oktober 1994.

Dit artikel "René Leon Antoine Daem" is uit Wikipedia. De lijst van zijn auteurs is te zien in zijn historische .


Compte Twitter EverybodyWiki Follow us on https://twitter.com/EverybodyWiki !