Jan Vanriet

Uit EverybodyWiki Bios & Wiki
Ga naar:navigatie, zoeken
Jan Vanriet
Plaats uw zelfgemaakte foto hier
Persoonsgegevens
Volledige naam Jan Louis Lucien Van Riet
Geboren Antwerpen, 21 februari 1948
Overleden Luafout in Module:Wikidata op regel 364: attempt to index field 'wikibase' (a nil value), Luafout in Module:Wikidata op regel 364: attempt to index field 'wikibase' (a nil value)
Geboorteland België
Nationaliteit Belgische
Opleiding Kunstacademie
Beroep(en) journalist, schrijver, kunstschilder
Oriënterende gegevens
Periode 1970 - heden
Stijl(en) figuratieve schilderkunst
Website
Portaal:  Kunst & Cultuur

Jan Vanriet (Antwerpen, 21 februari 1948) is een Belgische kunstschilder en schrijver.

Zijn beide ouders zaten gevangen in het kamp van Mauthausen. Hij schilderde van toen hij acht jaar was.

Opleiding[bewerken]

Hij liep school in het Koninklijk Atheneum Hoboken. Hij studeerde aan de Antwerpse Academie. Na zijn studies heeft hij enkele jaren gewerkt als journalist, met het maken van interviews voor tijdschriften als Avenue en Panorama.

Carrière[bewerken]

In de jaren zeventig maakte hij het blad Revolver samen met dichter Gerd Segers. Dit blad verscheen niet in klassieke magazinevorm, maar publiceerde kalenders, affiches, steekkaarten, obligaties, landkaarten en kunstwerken. Speciale edities werden mede door Roger Raveel, Raoul De Keyser en Fred Bervoets ontworpen. In 2009 stopte het tijdschrift na 144 nummers.[1]

Vanriet exposeerde voor het eerst in 1973 in galerie De Zwarte Panter.

In de jaren 1980 maakte hij kleurig, speels popartachtig werk, geïnspireerd door David Hockney, maar waarin ook de heldere lijnvoering van meesters als Picasso en Ingres terug te vinden is. Vanriet werd toen uitgenodigd voor de belangrijke biënnales: São Paulo in 1979 en Venetië in 1984. In Venetië stelde hij samen met Jan Fabre, José Vermeersch en Karel Dierickx tentoon.

In 1986 besefte Vanriet dat de geschiedenis van zijn familie allang onder zijn huid zat. Hij schilderde Het portret van een oom, waarop hij een accordeon – het lievelingsinstrument van zijn oom – schilderde als was het het concentratiekamp van Dachau, dat zijn oom nauwelijks overleefde. Zijn oom, de tweelingbroer van Vanriets moeder, was kort na de Tweede Wereldoorlog gestorven van uitputting. Hij werkte in 1986 voor een galerie in Los Angeles. In New York maakte hij een schilderij, waarin al zijn werelden samenkwamen; La doctrine, de blauwe strepen op, die aan een gevangenis doen denken zijn een referentie naar het concentratiekampverleden van zijn ouders. Tegelijk kunnen die blauwe strengen even goed verwijzen naar de kunst van Daniel Buren. Dan is er nog een derde element: op dat doek staat ook een portret van de Russische avant-gardekunstenaar Tatlin, een man die het heel moeilijk gehad heeft met het stalinisme. Vanriet heeft een intense voorliefde voor de Russische avant-garde. Al op zijn 16de had probeerde hij een toneelstuk van Majakovski te vertalen.[2]

Metrostation De Brouckère[bewerken]

In 2004 kreeg Vanriet de opdracht om een metrostripverhaal te maken voor de muren van het metrostation De Brouckère La ville bouge au creux de ma main in Brussel. Het 210 meter lange kunstwerk bezingt de hoofdstad in kleurrijke tekeningen, stadsfoto's en tekst. Het werk werd afgedrukt op panelen van PolyVision.[3][4]

Closing Time, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen[bewerken]

In 2010 zorgde Paul Huvenne ervoor dat Vanriet Closing Time kon exposeren in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten.[5]

Losing Face, Joods Museum Moskou[bewerken]

In 2015, zeventig jaar na de bevrijding van de nazikampen toont de Belgische schilder Jan Vanriet veertig schilderijen over de [[Holocaust] in het Joods Museum van Moskou. De veertig schilderijen tonen voornamelijk Joodse mannen, vrouwen en kinderen, die tijdens de Tweede Wereldoorlog gedeporteerd werden vanuit de Dossinkazerne in Mechelen naar het nazi-uitroeiingskamp van Auschwitz-Birkenau.[6] [7]

Painting after Post-modernism[bewerken]

Minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders in Brussel een gigantische tentoonstelling met liefst 256 schilderijen van acht Amerikaanse en acht Belgische schilders, prestigieuze expo Painting after Post-modernism. Vanriet stelt er een twintigtal reuzeschilderijen tentoon.

Curator van de tentoonstelling is Barbara Rose. De schilderijen beslaan zeven verdiepingen van het historische Vanderborghtgebouw, plus de exporuimte The Underground aan de Koninklijke Galerijen.

Vanriet zijn pakkende reeks van een tachtigtal portretten van joodse slachtoffers van de concentratiekampen kreeg na de Dossinkazerne in Mechelen een prestigieus vervolg in Moskou.

Vanriet krijgt nu internationale belangstelling met de volle steun van de Amerikaanse kunsthandelaar Roberto Polo, die eerst in New York furore maakte en er de fine fleur onder zijn klanten kende. Polo verkaste naar Parijs, dan naar Brussel. Hij is al vijftien jaar een fervent promotor van de Belgische kunst. In 2012 opende hij zijn prestigieuze galerij in Brussel met een tentoonstelling van Jan Vanriet. De twee lieten elkaar niet meer los.

Tijdens de jaren '70 en '80 werd de figuratieve schilderkunst ondergewaardeerd, maar Vanriet is altijd blijven schilderen.[8]

Met Jan Hoet heeft Vanriet enkel negatieve ervaringen gehad. Dankzij Luc Tuymans is de houding tegenover de figuratieve kunst helemaal omgeslagen.

Bruno Verlaeckt haalde Vanriet over om een aantal tekeningen te maken voor de biografie over Piet 'Israël' Akkerman geschreven door Sven Tuytens.[9][10]

Begin 2015 had Vanriet een opgemerkte tentoonstelling in het Jewish Museum in Moskou, vanaf juni 2015 opende Vanriet een retrospectieve Song of Destiny, 1986-2014 in het Nationaal Museum van Gdansk in Polen en begin 2016 was hij te gast in Londen en The New Art Gallery Walsall net buiten Birmingham onder de titel The Music Boy, Birmingham, met schilderijen en aquarellen. Het tekenkabinet van het British Museum in Londen verwierf vijf aquarellen uit Gezichtsverlies. Deze reeks portretten van gedeporteerden toonde Vanriet in 2013 in de Dossin Kazerne in Mechelen, wat zijn carrière een nieuw elan gaf.

Hugo Claus was een goede vriend van Vanriet, die indertijd een werk van hem kocht. In 2016 werd de kunstcollectie uit de nalatenschap van Claus verkocht door het Antwerpse veilinghuis Bernaerts. Dit schilderij van Vanriet ging voor een recordbedrag van 17.500 euro onder de hamer.[11]

Maar ook op het thuisfront is Vanriet sterk present. In zijn huisgalerie De Zwarte Panter opende hij zijn elfde solotentoonstelling sinds zijn debuut in 1973.

Op Omens hangt een serie rond Nietzsche, maar ook een portret van Jean-Marie Berckmans.

De Tweede Wereldoorlog liet een diep spoor na in zijn oeuvre.[12]

In 2015 was hij volop aan het werken aan een reeks schilderijen over baders en baadsters. Dat is een interessant thema in de kunst, denk maar Cézanne of Renoir. 'Het meest dank ik aan een galerie die mij als jonge kunstenaar kansen heeft gegeven. Lens Fine Art had in de jaren zeventig en tachtig een groot netwerk en exposeerde bekende kunstenaars zoals Pierre Alechinsky, Antonio Saura en Pierre Klossowski. De galerie geloofde in mijn werk en wees mij de weg. Dat is veel waard als je aan het begin van je loopbaan staat.'

'Schilderen kwam altijd op de eerste plaats, maar hij schrijft ook graag. In 2015 schreef hij het dichtbundel Vaderland, dat in 2016 verscheen.

Hij werd sterk geïnspireerd door Picasso.

  • De tentoonstelling Closing time, in het Museum voor Schone Kunsten van Antwerpen in 2010, waar hij de kans kreeg toen om een selectie uit de Antwerpse museumcollectie te maken en raakpunten te zoeken met zijn eigen werk.
  • De tentoonstelling Gezichtsverlies in Kazerne Dossin in Mechelen, waar schilderijen hingen, die gebaseerd waren op pasfoto's van mensen die vanuit ons land gedeporteerd werden naar de concentratiekampen.[13]

Critica Charlotte Mullins, die onlangs een essay over de schilder schreef, beschrijft Vanriets werk als volgt: 'Zijn kracht is dat hij autobiografisch schildert en tegelijk universele thema's aanpakt'.

Roberto Polo opende in november 2012 zijn galerie in de Zavelwijk met een tentoonstelling van Jan Vanriet, waarbij de grote aandacht vanwege de Franstalige Belgische pers opviel.

Mullins trekt de vergelijking tussen Vanriets schilderijen over de oorlogservaringen van zijn familie - moeder, vader en oom zaten in de concentratiekampen - en het portret van Oom Rudi (Onkel Rudi uit 1965) door de beroemde Duitse schilder Gerhard Richter.

Tot 1 maart 2015 toonde Jan Vanriet veertig portretten van Holocaustslachtoffers in het Joods Museum in Moskou. Het was een tentoonstelling die, uitgerekend zeventig jaar na de bevrijding van de nazikampen door het Russiche leger, niet alleen massale belangstelling kreeg van de Moskouse media maar ook een groot aantal bezoekers lokte. In die werken, waarvan een aantal eind 2013 onder de titel Gezichtsverlies in de Mechelse Dossinkazerne te zien waren, geeft Vanriet de omgebrachte mensen "een tweede leven". "Ze zijn nu weer aanwezig", zegt hij daar zelf over.[14][15][16]

Zopas publiceerde Vanriet ook een overzicht van zijn werk in opdracht tussen 1972 en nu: Het dienstbare beeld. Zijn hele leven lang heeft de schilder graag 'dienstbaar werk' gemaakt, zoals hij dat zelf noemt. Hij werkte onder meer voor Behoud de Begeerte, het literaire tijdschrift Revolver, het Willem Elsschot Genootschap en De Morgen, waarvoor Vanriet vanaf 2000 enkele jaren lang met grote regelmaat tekeningen en aquarellen leverde. Hij was in de jaren 1960 een tijdlang redacteur van het tijdschrift Links, dat mee door zijn vader opgericht was, en maakte interviews voor het weekblad Panorama - toen een totaal ander blad dan nu.

In 2015 liep de tentoonstelling Vanity in Brussel. Vanriet verkende er het thema in alle betekenissen, vormen en formaten. Hij werkt het liefst in reeksen: "Ik heb een leidraad nodig, een thema, hoe cryptisch dat ook mag zijn."[17][18]

Prijzen[bewerken]

  • 1978 Provincie Antwerpen Prijs voor Grafische kunsten
  • 1990 The Special Prize at the Art Festival Seoul, together with John Chamberlain and Mimmo Rotella[19]
  • 2001 Van Acker Prijs in Brugge (vorige laureaten: Hugo Claus, Frans Masereel, Roger Raveel).[20]

Poëzie[bewerken]

  • 2016 Moederland, Hollands Diep
  • 2014 Oud zeer, Plantin Instituut voor Typografie
  • 2012 Leegstand, De Bezige Bij Antwerpen
  • 2008 Stormlicht, Wagner & van Santen
  • 1984 Geen hond die brood lust, Manteau
  • 1979 Staat van beleg, Manteau
  • 1974 Bella Ciao, Ontwikkeling
  • 1973 Vast Tapijt, Manteau
  • 1971 Met de Ramblers uit vissen, Revolver
  • 1969 Met gehavend gemoed, Yang

Geselecteerde publicaties[bewerken]

  • The Music Boy, Andrew Graham-Dixon, Martin Herbert and Charlotte Mullins, *The New Art Gallery Walsall, 2016
  • Song of Destiny, Paul Huvenne, Adam Zagajewski and Zofia Machnica, *National Museum Gdansk, 2015
  • Losing Face, Stefan Hertmans and György Konrád, Jewish Museum and *Tolerance Center Moscow, 2015
  • Omens, De Zwarte Panter, 2015
  • Vanity, Jan Vanriet, Charlotte Mullins, Lannoo, 2015
  • Losing Face, Stefan Hertmans and György Konrád, Ludion 2013
  • Closed Doors, Eric Rinckhout, Roberto Polo Gallery, 2012
  • Closing Time, Maarten Doorman en Eric Rinckhout, Ludion | De Bezige Bij, 2010
  • Jan Vanriet, Parcours 1966-2008, Marc Ruyters, Snoeck, 2008
  • Een Winterreise, Cees Nooteboom & Jan Vanriet, Literarte, 2007
  • De Testamenten, Jan Vanriet, with text by Marc Ruyters and Luc Devisscher, Davidsfonds Uitgeverij, 2005
  • Transport, Cees Nooteboom and Vera Scheef, Lippisches Landesmuseum Detmold, 2004
  • Transport, Bernard Dewulf, Art Concern, 2002
  • De reiziger is blind, Jean Pierre Rondas, De Geus, 2001
  • Café Aurora, Stefan Hertmans, De Geus, 2000
  • Jan Vanriet, Freddy de Vree, Lannoo, 1996
  • Matière et Mémoire, Pierre Restany, Centrum Elzenveld, 1993
  • Jan Vanriet, or the Subtle Disruption, Wim Meeuwis, Internationale *Culturele Samenwerking, Biennale di Venezia, 1984
  • Jan Vanriet, L’état de siège du regard, Pierre Restany, Galerie Isy *Brachot, Paris, 1983
  • Jan Vanriet, Edward Lucie-Smith, Uitgeverij Manteau, Antwerpen, & van Gennep, 1982

Dit artikel "Jan Vanriet" is uit Wikipedia. De lijst van zijn auteurs is te zien in zijn historische .